Waarom een terugval je traject niet stopzet, maar je reactie erop wel

Je stapt van de weegschaal, of je kijkt terug op je week, en er is dat ene moment dat blijft hangen: het extra dessert op het familiefeest, de training die er niet van kwam, de avond waarop stress het won van je goede voornemens.
De meeste mensen focussen dan op de vraag: "hoe voorkom ik dit de volgende keer?" Dat is een goede vraag, maar niet de belangrijkste. De belangrijkste vraag is: wat doe je in de uren en dagen erna?
Wat gebeurt er eigenlijk in je hoofd na een misstap?
Wanneer je iets doet dat niet in je plan paste, activeert je brein al snel een soort interne rechtszaak. Je wordt tegelijk aanklager en beklaagde: "ik had dit niet mogen doen", "ik heb geen discipline", "ik begin gewoon opnieuw volgende week." Psychologen noemen dit vaak de "wat kan het nog schelen"-reactie: eens je het gevoel hebt dat je "toch al gefaald" hebt, wordt de drempel om ook de rest van de dag of week los te laten, veel lager.
Het probleem zit dus zelden in de misstap zelf. Het zit in de gedachte die erop volgt, en in het gedrag dat die gedachte in gang zet.
Terugval is geen falen, het is informatie
Een terugval vertelt je iets, als je bereid bent om te luisteren in plaats van te veroordelen. Val je vooral terug tijdens familiefeesten? Dan weet je nu dat sociale momenten een kwetsbaar punt zijn. Grijp je naar eten bij stress? Dan is dat een signaal dat je stressmanagement minstens evenveel aandacht verdient als je voeding.
Bekeken op die manier is een terugval geen tegenslag die je traject onderbreekt. Het is een stukje bruikbare informatie over waar jouw specifieke aanpak nog een blinde vlek heeft.
Hoe herpak je jezelf na een terugval?
Ga verder bij de eerstvolgende gelegenheid, niet "morgen" of "volgende week".
Eén moeilijke maaltijd of een gemiste training verandert je resultaat op lange termijn nauwelijks. Wat wél een verschil maakt, is of je bij de allereerste kans erna gewoon weer verder gaat zoals gepland, in plaats van te wachten op een symbolisch nieuw beginpunt zoals een maandag of een nieuwe maand.
Vervang zelfkritiek door nieuwsgierigheid.
In plaats van "waarom doe ik dit toch weer", helpt de vraag "wat maakte dit moment lastig voor mij" veel meer. Die vraag levert bruikbare inzichten op, de eerste vraag enkel een slecht gevoel.
Bouw voor herhaalde struikelmomenten een klein, concreet plan.
Als je merkt dat bepaalde situaties, zoals feestjes, drukke werkweken of emotioneel zware momenten, steeds opnieuw voor een terugval zorgen, is dat een teken dat je daar vooraf al even bij kan stilstaan. Niet om jezelf onmogelijk streng in te dekken, maar om te weten wat je concreet doet zodra zo'n moment zich aandient.
Waarom perfectie de verkeerde maatstaf is
Niemand houdt een gezonde leefstijl 100% van de tijd vol, en dat hoeft ook niet. Onderzoek naar gedragsverandering wijst er steeds opnieuw op dat consistentie over tijd, met ruimte voor mindere momenten, tot betere en meer blijvende resultaten leidt dan een streng regime dat bij de eerste afwijking volledig instort.
Het verschil tussen mensen die uiteindelijk blijvend resultaat boeken, en mensen die telkens weer van voor af aan beginnen, zit dus zelden in wie het minst vaak misstapt. Het zit in wie zich het snelst weer opricht, zonder zichzelf eerst dagenlang te straffen voor iets wat allang voorbij is.





Opmerkingen